Nynke van den Boomen

Kinderen kunnen eindeloos fantaseren over wat ze later willen worden. Een kind legt zichzelf daarbij geen beperkingen op: alles is mogelijk! Ikzelf wilde vroeger kapster worden, om twee dagen later toch maar weer voor dierenarts te kiezen. Tot de grote schrik van de schooljuf passeerde zelfs een carrière als patholoog-anatoom de revue, al was dat kort daarop gelukkig alweer veranderd naar actrice…

Maar eigenlijk bereidt niets je voor de op de vraag wat je wilt worden als je niet (meer) kúnt werken. Want bestaat er eigenlijk zoiets als een carrière na arbeidsongeschiktheid?

Tijdens mijn studie werd een aangeboren aandoening een steeds grotere beperking voor me, wat resulteerde in een Wajong. Daarna heb ik nog jarenlang als onderzoeker en docent aan een universiteit gewerkt, maar uiteindelijk ben ik volledig afgekeurd. Mijn carrière als historica moest ik daardoor achter me laten. Dat is nu eenmaal geen beroep dat je slechts een paar uur per week kunt uitvoeren. Maar verdwijnen je ambitie en talent dan ook op slag? Betekent dat dan een bestaan achter de geraniums?

Voor mij was het antwoord op die vragen luid en duidelijk: ‘nee, natuurlijk niet’. Het is best wel even zoeken geweest hoe ik mijn leven vorm moest geven. Gelukkig heb ik met Onbeperkt aan de Slag een werkgever gevonden die mij naar vermogen laat werken, flexibel en met volle begrip voor mijn soms wat grillige grenzen.

Mijn grote wens is dat we de komende jaren in Nederland een arbeidsmarkt realiseren, waar iedereen die (deels) arbeidsongeschikt is en de wens heeft om te werken dat ook naar vermogen kán doen – waar nodig met behoud van uitkering. En dat vraagt om een hele nieuwe mentaliteit, bij alle Nederlanders.

Een wérkelijke participatiesamenleving heeft als basisprincipe dat we allemaal gelijkwaardig naar vermogen mee kunnen doen. Iedereen hoort erbij, geen uitzonderingen.

Alleen heeft de samenleving zoals we die nu kennen grotendeels ‘de gezonde burger’ als uitgangspunt. Mensen met een beperking vallen hierdoor nogal eens buiten de boot. Als je door een beperking niet op volle toeren kan meedoen, word je nogal eens behandeld als patiënt of zelfs als kostenpost of iemand die niet in staat is om eigen keuzes te maken. De nadruk wordt gelegd op je beperking: wat kun je eigenlijk allemaal niet? En daardoor lijk je niet helemaal mee te tellen in de samenleving.

Een participatiesamenleving daagt ons uit om verder te kijken dan onze neus lang is. In plaats van te focussen op iemands beperking moeten we kijken naar iemands mogelijkheden, waarbij er voldoende ruimte moet zijn voor iemands talent, wensen en behoeftes. Iedereen doet gelijkwaardig en volwaardig naar vermogen mee, wel of geen beperking, geen uitzonderingen!

Gelukkig vindt deze nieuwe mentaliteit bij steeds meer mensen ingang. En dat is heel mooi, want we moeten met zijn allen bouwen aan een inclusieve maatschappij. Samen moeten we alle obstakels uit de weg ruimen die zo’n participatiesamenleving nu nog in de weg staan. Ik heb goede hoop dat ons dat gaat lukken en tot die tijd biedt deze uitdaging mij in ieder geval een prachtige carrière ná arbeidsongeschiktheid.

2019-06-19T09:12:40+00:00