Naima Ait Ali

De houten keukenkruk die ik soms gebruik om mijn laptop op te zetten, zodat ik even staand kan werken, dient nu ook als attribuut voor mijn work-out thuis. Tjah, je wordt vanzelf creatief als je zo lang thuiszit. En je leert (nog meer) denken in mogelijkheden.

Dag 7300 van mijn quarantaine

Het beestje heeft eindelijk een naam

In tegenstelling tot veel mensen om mij heen heb ik de afgelopen weken niet veel hoeven afzeggen of annuleren in verband met de coronacrisis. Alleen mijn afspraken in het ziekenhuis. Dus geen drankje met vrienden op een terras, geen strandwandeling, geen hardloopgroep. En ook geen rondreis door Zuid-Amerika. Deze dingen stonden überhaupt nooit op mijn to-dolijst. Niet omdat ik het niet leuk, gezellig of interessant vind. Maar omdat mijn dagelijks leven zich nou eenmaal voor 90% binnenshuis afspeelt. Al 7300 dagen lang. Ik heb net geleerd dat je dan in quarantaine bent. Het beestje heeft nu eindelijk een naam.

Alleen naar buiten als het echt moet

Mijn verhaal in het kort: ik ben geboren met een zeldzame huidaandoening, genaamd Xeroderma Pigmentosa. Ik ben overgevoelig voor uv-straling en dat zit bijna in alle soorten licht en het meeste in zonlicht. Uv-straling tast (langzaamaan) mijn huid en ogen aan. In de praktijk houdt dat in dat ik (zon)licht zo veel mogelijk moet vermijden. Dus alleen naar buiten als het echt moet: dat klinkt de meeste mensen nu wel bekend in de oren, denk ik.

Niet meer zo alleen

De huidaandoening heb ik dus al mijn hele leven. Maar pas rond mijn puberteit begon ik ook te beseffen dat ik mezelf alleen echt goed kon beschermen tegen de zon als ik zo min mogelijk buiten kwam. Hoe moeilijk dat soms ook is. Je mist veel van het sociale leven. Je voelt je vaak alleen. Anderen begrijpen vaak niet dat je echt niet zomaar naar buiten kunt. Want ze ervaren het zelf niet. Nu, met de coronacrisis, is daar voor mij een lichtpuntje in gekomen. Ik hoef niet meer zoveel uit te leggen en ik voel me niet meer zo alleen. Immers, iedereen moet toch binnenblijven.

Waardevolle periode

Natuurlijk zal op een dag iedereen weer gewoon naar buiten kunnen. Maar ik niet. En nee, daar kijk ik niet tegenop. Integendeel, ik heb in deze periode nog intenser kunnen ervaren dat het leven binnenshuis vol mogelijkheden zit. Het is maar hoe je ernaar kijkt: de multifunctionele houten keukenkruk, de vele videogesprekken met vrienden en familie. Het thuiswerken. Het is allemaal waardevol en de moeite waard.

Deze blog is geplaatst op de website van de Start Foundation.

Naima Ait Ali

Vanaf het moment dat ik mij bewust was van het “fenomeen” werken, wilde ik daar onderdeel van zijn. Ik had een enorme drang om mijzelf te bewijzen. Willen bewijzen dat ik óók kan werken, ondanks mijn chronische beperkingen. Ik had ambities en begreep niet waarom het voor mij moeilijk of zelfs onmogelijk zou zijn deze waar te maken, volgens de mensen om mij heen dan. Ondertussen werd de drang alleen maar sterker.

Onbevangen als ik was ging ik solliciteren op reguliere vacatures, gewoon bij bedrijven die mij interessant leken. Regelmatig kon ik op gesprek komen. Maar daar bleef het altijd bij. In principe niets vreemds, alhoewel ik het vreemd vond afgewezen te worden op basis van mijn werkervaring. Nou ja, het gebrek daaraan. Dat kon je van te voren lezen in mijn cv. Ik was net klaar met mijn opleiding Sociaal Juridisch Medewerker. En ik had overigens een fantastische stageperiode afgerond. Een mooie basis om de arbeidsmarkt op te gaan, dacht ik.

In mijn sollicitatiebrieven experimenteerde ik met het wel of niet benoemen van mijn chronische beperkingen: een complexe zeldzame huidaandoening met als gevolg een visuele beperking. Als ik het een hele toffe functie vond en ik graag op gesprek wilde, benoemde ik mijn beperkingen niet. Ik was bang bijvoorbaat afgewezen te worden. Best sneu toch. Uiteindelijk ben ik via een bemiddelingsbureau aan een werkervaringsplek gekomen, bij de politie. Mijn eerste baan!

Nu ben ik tien jaar verder. Tien jaar aan werkervaring. Bij `gewone` bedrijven en met een vast contract. Al mijn doelen die ik had en die volgens mijn omgeving onbereikbaar waren, heb ik bereikt. Iets waar ik heel trots op ben. Ik ben blij dat ik altijd heb doorgezet en dat nog steeds doe. Want ik geloof oprecht dat waar een wil is, ook een weg is. En ook met de juiste mensen om je heen die ook denken in mogelijkheden.

Wat ik een enorme meerwaarde vind aan Onbeperkt aan de Slag is dat zij denken in mogelijkheden. En een belangrijke stap daarin is met elkaar in gesprek gaan. Het kan zoveel onzekerheden en vooroordelen wegnemen. Zowel bij de werkgever als bij de werkzoekende. Gewoon elkaar ontmoeten en in gesprek gaan.

Mijn boodschap aan alle werkgevers is daarom: sta open voor het gesprek. Sta open voor talent. Maar eigenlijk is openstaan niet het juiste woord. Tenslotte zijn mensen met een arbeidsbeperking geen buitenaardse wezens. Het zijn mensen met extra uitdagingen in hun leven. Uitdagingen waardoor ze vaak veerkrachtig, loyaal en oplossingsgericht in het leven staan. Je mag als werkgever best in je handen knijpen met zo´n werknemer in je bedrijf.

En voor alle werkzoekenden die dit lezen en nog niet goed weten welke kant ze op willen: wees onbevangen en geloof in jezelf en je talenten. En verzamel de juiste mensen om je heen die jou net dat extra duwtje in de rug kunnen geven. Want nogmaals, waar een wil is, is een weg. Echt waar!

2020-07-28T20:33:21+00:00